Teletype 33 TBP

Een vriendelijke dame stuurde mij een bericht

I have found a Teletype machine in my attic in Gouda (see photos attached) and was hoping that you may be able to point me in the right direction. I do not know if it is in working order or not, but am interested in whether you know of any collectors or anyone who would be interested?

Ophalen van de Teletype 33

Natuurlijk was ik geïnteresseerd; ik informeerde of ze open stond om deze Teletype te doneren en dat was geen probleem. De machine stond bij hun op zolder en moest plaatsmaken voor een kinderkamer. Ze vroeg alleen of ik samen met haar man deze van de zolder kon komen halen. Samen met Kim ging ik weer weer op pad.

De voorloper van het beeldscherm

Een Teletype was me wel bekend; deze worden beschouwd als voorloper van het beeldscherm. Er zijn een aantal computers die destijds nog geen scherm hadden (denk bijvoorbeeld aan de DEC PDP8), deze computers moesten hun output leveren aan een Teletype machine.

Ik las op een forum:

“Het grappige is, dat de term teletype afgekort als tty nog steeds terugkomt in de device naam als je een shell opent op een moderne linux/unix machine.”

Er bestaan van dit type Teletype 3 varianten volgens Wikipedia:

  • het Model 33 ASR, (Automatic Send and Receive), deze heeft een ingebouwd 8-level pons tape lezer en tape perforator;
  • het Model 33 KSR (Keyboard Send and Receive), zelfde machine maar zonder pons-tape mechanisme;
  • het Model 33 RO (Receive Only) heeft geen keyboard en geen pons-tape mechanisme, maar kan alleen printen.

Dit specifieke type was van 1963. Dus dit is het oudste apparaat van de collectie. Helaas was originele verhaal niet bekend. De Teletype stond al op de zolder toen zij in het huis trokken. Het enige aparte is dat op de achterkant van de machine er letterlijk Teletype 33 TBP staat, dus niet zoals overal beschreven 33 ASR. Wat deze specifieke TBP aanduiding betekent is me nog niet bekend.

“Pas wel op: er waren twee soorten papertape, geolied en droog. De geoliede tape is voor de ASR33, want de mechanische lezer (pennetjes) moeten door de tape worden gesmeerd. De droge tape was voor de optische lezer. Het gebeurde vaak dat gebruikers dat niet wisten. De droge tape liet de Teletype lezer vastlopen en de olietape verstopte de optische lezer. Dus storingen in beide gevallen!”  Aldus deze bron: http://www.transistorforum.nl/forum/index.php?mode=thread&id=19799

We hebben de machine alvast een beetje gepoetst, maar we moeten ons nog helemaal verdiepen in de mogelijkheden en of het wel veilig is deze aan te sluiten als ie schoon is, want ik kon op de achterkant geen 220 volt informatie bekennen, wel 110 volt. Dus voordat we grote fouten gaan maken, moeten we ons goed inlezen. Dat kan nog wel een tijdje duren. Intussen kun je alvast genieten van de foto’s van dit prachtige apparaat.

Nieuwe update

Ik kreeg spontaan een bericht van Ed, hij schreef mij het volgende:

Ik heb jaren Teletypes asr 33 geïnstalleerd en onderhouden.
De knop motor start was om de machines weer te starten nadat hij in “timeout” van ongeveer 10 min ging. Dit om slijtage van de clutches te voorkomen. Trouwens ook tegen de herrie!
Ik ben nu 73 en bij dat ik er weer een zie.
Groeten Ed

Ik vroeg of hij het leuk zou vinden of hij eens langs zou willen komen en zou willen uitleggen hoe dit allemaal werkt, zodat ik dit kan filmen en zo deze waardevolle kennis kan vastleggen voor toekomstige generaties. Ik kreeg kort daarop een berichtje (ik heb het ingekort):

Dat wil ik best graag wel eens een keer doen. Alleen dat kan nog even duren.

Je e-mail heeft me weer aan het denken gezet over die asr 33.
Ik denk dat ik alles nog wel weet. Toentertijd kon met mijn ogen dicht de tty (Teletype) nakijken en repareren. Nu zal ik mijn ogen weer goed de kost moeten geven.
Ik kwam in 1968 in dienst van koopman & co. Deze hadden een grote order voor deze machines met Honeywell Bull in Parijs afgesloten. Duizenden hebben we voor hun alleen al gemaakt.
Wij bouwden er een transformator in om hem geschikt te maken voor 220 volt.
Ook een modem en een bedieningspaneel hiervoor. Verder codeerden de naamgever (dat bruine ding rechts achterin).

Natuurlijk deden we storingen en onderhoud in heel het land.
Verder interface-te we die dingen aan alle minicomputers. DEC PDP-11, enz
Maar het merendeel werd met rs-232 uitgerust en werd er via een modem (al of niet met cupjes voor de hoorn) via de telefoonlijn verbinding gemaakt met een mainframe. Ook internationale scholen gebruikte ze op deze manier.

Zo te zien heeft deze de standaard currentloop-aansluiting. Ik stuur nog een schema mee om eenvoudig een conversie te maken naar rs-232.

Dan kan hij weer op een van de oude computers aangesloten worden met een seriële uitgang.

Zelf denk ik dat hij snel zal werken want ze waren onverwoestbaar.

Maar misschien kleven er wat onderdelen door dikke olie. We gaan het zien. Leuk!

Hieronder de foto die Ed meestuurde:

Currentloop Teletype RS232

Nog meer verhalen

later kreeg ik nog een verhaal binnen van Ed, hij schreef:

Veel opties van Teletype waren er niet. Namelijk maar één.
De zogenaamde X-on/X-off functie. Dit was om de ponsbandlezer remote te starten en te stoppen met ASCII codes DC1 en DC3.
We moesten daar op een rail een blokje monteren met twee mechanische pallen die weer bediend werden door twee stangen die in aktie kwamen door de code-bars, als die een X-on of X-off code (een control ASCII code) ontvingen.

De pallen maakten dan op dat blokje (3 x 4 x 2 cm) een elektrisch contact. Een relais kwam in en de ponsbandlezer ging lopen. Het relais werd elektrisch vastgehouden totdat het breek contact van het X-off palletje het relais deactiveerde en de ponsbandlezer weer stopte. Dit was een manier om de computer de mogelijkheid te geven om een eerder vervaardigde ponsband, met gegevens van die dag, in stukken in te lezen, bijvoorbeeld ‘s nachts. Dit was vaak de tijd dat de computers rekentijd over hadden om minder belangrijke gegevens te verwerken.

Hier komt ook weer de optie “motorstart” om de hoek kijken.
Anders zou de tty de hele nacht moeten doorlopen. Dus bij geen gebruik, stopte de motor na ongeveer 15 minuten. Dit was trouwens instelbaar op een door ons vervaardigde en ingebouwde printplaatje.

Ook hem weer wakker te maken, hoefde de computer of inbelmodem, maar een stuk of 5 delete’s te sturen (control ASCII code FF of Del).
De motor werd opgestart en na een paar van die DEL’s liep de tty weer synchroon met de computer. Het gaf wel altijd een paar willekeurige tekens op het papier, maar daar maakte niemand zich druk over.

Het is trouwens een 110 baud , 8 data bits, 1 start en twee stopbits. Resulterend in 10 tekens per seconde. Dat was trouwens veel sneller als de telex die 5-bit en 7,5 tekens deed. (Alleen hoofdletters) De tty had zowel kleine letters als hoofdletters.

Nu bedenk ik me opeens dat er nóg een Teletype optie was. NL. Rood/Zwart optie. Ook dan moest weer een contact blokje gemonteerd worden om middels twee codes (twee van de 32 controlcodes) deze mechanische optie te bedienen.

In mijn 12-jarig dienstverband dit slechts één keer mogen doen en iedereen moest het zien!

Nu, ik hoop dat je het leuk vind. Ik in ieder geval wel!

Het is geweldige informatie. Over enkele maanden komen we bij elkaar en gaan we samen kijken naar de Teletype en uiteraard zal ik dat filmen zodat iedereen hiervan kan genieten en hopelijk leren.

2 juni 2020, een nieuwe update

Ik kreeg weer een bericht van Ed. Een paar maanden geleden zouden we een eerste clubdag hebben gehouden met onze Retro Computer club, maar die is niet doorgegaan vanwege de Corona maatregelen. Er mochten vanuit de overheid geen bijeenkomsten meer worden gehouden. Wat ervoor zorgde dat vele mensen het niet zagen zitten om bij elkaar te komen. Per 1 juni zijn er enkele versoepelingen doorgevoerd, maar nog niet voldoende om een echte clubdag te houden. Reizen per vliegtuig gaat ook momenteel nog mondjesmaat, dus Ed kan sowieso niet naar Nederland vliegen aangezien hij in het buitenland zit. Het leuke is dat ik weer een heel uitgebreid verhaal heb gekregen van hem die ik hieronder ga plaatsen. Veel plezier met lezen!

TELETYPE VERHAAL 3

Globale werking.

Het keyboard.

Het keyboard staat op de bodemplaat helemaal los van de rest. Op de zogenaamde H-plate na. Deze H-plate zorgt voor het resetten van de mechanische keyboard code-bars nadat er een toets is ingedrukt. Wanneer er een toets wordt in gedrukt, geven 8 code-bars de juiste code door aan de contacten aan de rechterkant.
Sommige maken contact en andere niet. Alle contacten-draden zijn aan de distributor verbonden. De distributor is de Pertinax plaat met zilveren vlakjes en gleuven rechtsachter.
De code is nu nog parallel maar moet serieel verzonden worden. Zowel naar de buitenwereld als naar het mechanische print gedeelte. De rotor die langs de distributor ronddraait, bevat een koolborstel die bit voor bit de code aftast. Dit gebeurd door een koolborstel die in de distributor zit. Als men dat een kijkje neemt, ziet men dat de zilveren vlakjes, na een sleuf, in de printplaat laag beginnen en oplopend eindigen. Dit is nodig anders zou de koolborstel breken.  Nu is de parallelle code serieel geworden.

Deze seriële code wordt via de CCU (CALL CONTROL UNIT elektrische unit helemaal rechts op de bodemplaat) naar de buitenwereld verzonden. Dit alleen als de tty in de stand “Line” staat. Dit wordt gekozen met de draaischakelaar rechts op de frontplaat. Staat hij op”local”, wordt deze seriële code via een versterkings-transistor op de CCU, aan de “selector” van het mechanische print gedeelte gestuurd. De H-plaat is omgeklapt en wordt aan het einde van de cyclus door de mechanische printunit weer in de beginstand gezet.

Er zijn drie eenheden die zo’n parallelle code afgeven.

  1. Keyboard
  2. Answer Back Drum (naamgever)
  3. Ponsbandlezer

De answer-back is een mechanisme die zorg draagt om, met als bij een telex, een unieke reeks cijfers en letters (maar ook control codes) automatisch achterelkaar door te geven aan de buitenwereld. Dit mechanisme kan op twee manieren gestart worden.

  1. dmv van een toets op de het keyboard in te drukken.
  2. bij ontvangst van de code EQU (asscii) van een computer.

Deze werd vooral gebruikt bij “timesharing” systemen. Zo kon de buitenwereld weten wie er aan de Line hing en de gebruikte tijd ook aan de juiste persoon facturen.
De plastic drum die gecodeerd moest worden bestaat rondom de drum van 20 (?) Rijen met elk 8 palletjes, die al of niet uitgebroken moeten worden om de drum te coderen.

Anekdote:

Dat was een rotklus! De palletjes stonden zo dicht op elkaar dat, meestal op het einde, er per ongeluk twee (!) palletjes afbraken. Dan kon de drum weggegooid worden of een enkele keer soms toch nog gebruikt kon worden indien een andere codering daar precies mee overeen kwam.
Wij hadden een speciale man (Marius de Kleyn) die dit werk deed. Zeer precies en geconcentreerd kon hij dat. Hij bleef daar ook voor thuis om niet gestoord te worden. In elke Teletype zat zo een drum, maar nieuwe kostte veel geld en waren niet altijd voorhanden.

De ponsbandlezer

Deze lezer is zeer compact en uiterst betrouwbaar. Eigenlijk niet veel meer als een zware elektro magneet die een ijzeren gaffel aantrok die dan de acht pennen omhoog bracht, en als er een gaatje in de ponsband zat, dan een elektrisch contact maakt. Bij het loslaten van de magneet, werd de ponsband één gat op geschoven.
Op soms een vuil contact na, nooit problemen.

Anekdote

Vaak werd er bij het sluiten van een bedrijf ‘s avonds er een ponsband in gelegd die overdag door typistes waren aangemaakt met vergaarde data gedurende de dag. Deze werden dan’s nachts door de computer in gedeeltes verwerkt. Real time was toen nog niet aan de orde.
Sommige klanten hadden daar niet genoeg aan een wilden twee ponsband-lezers hebben. Dat deden we ook voor een aanzienlijke meerprijs. Specialisten (Hans Elsinger en ik) bouwde er een tweede lezer naast. De bedrading parallel aansluiten. Weer twee codebars in bouwen. Een elektrisch schakelblok monteren die op twee andere codes als DC1en DC3, de tweede lezer konden in- en uitschakelen. De bodemplaat verlengen én de bovenkap met nog een reader kap uitrusten.
Nu kon de computer twee lezers bedienden. Een voor data en één voor opdrachten.

De puncher.

Deze zit volledig mechanisch vast aan het printer gedeelte. Veel stangetjes, maar verder redelijk simpel. Er waren vier bediening knoppen om de kap.
Een om een nieuwe ponsband in te voeren.
Een aan-knop en een uit-knop
En een knop om de band een positie terug te halen. Nooit problemen mee.  Schoonmaken en de ponspennen smeren.
Om de ponspennen scherp te houden werd er geoliede tape gebruikt. Dat kon weer niet als de tape later gelezen moest worden door een (moderne)snelle ponsbandlezer. Dit gaf leesfouten en haperingen bij het transport.

Anekdote

Wij, als techneuten, gebruikte bij het testen een afstellen van deze Teletypes, geplastificeerde metalen tapes!
Die waren met het begin en eind aan elkaar geplakt en draaiden soms uren aan een stuk op een te testen machine.
De test-inhoud was simpel.
Namelijk “U*U*U*U*U*U*U*U*U*U*U*U*” enz .
De U en het * hebben precies de tegengestelde code en zo kwam alles aan de beurt.
Een andere tekst was:
“THE QUICK BROWN FOX JUMPS OVER THE LAZY DOG 1234567890.”
Wel bekend natuurlijk omdat alle letters en cijfers van het alfabet er in zitten.
De metalen tapes produceerden we natuurlijk steeds op een andere Teletype om de ponspennen niet meteen bot te maken 🙂

De afdruk-eenheid

Dat is (nog steeds) een wonder van mechanische techniek. Honderden palletjes, stangetjes, veren en nylon bandjes die allemaal met- en in elkaar samenwerken.
De basis is natuurlijk de elektromotor.  Voor Europa was een 220V 50Hz type ingebouwd. Ik heb ook wel 110V 60Hz type gezien. Die liepen dan via transformator. Maar 20% langzamer! Dat kwam door het verschil van 60Hz en 50Hz.
Later kochten we een mechanisch unit die dmv een 50Hz motor een 60Hz dynamo aandreef. Dat ging een stuk beter.

Anekdote

In het begin waren we nog niet zo op deze “moderne” dingen ingesteld en deed de firma (koopman&co) veel andere dingen zoals verkoop van elektromotoren.
Op een dag kwam er een telefoontje binnen van iemand die zei dat de motor defect was. Een techneut zei dat hij wel een nieuwe zou brengen. Hij haalde uit het magazijn een TTY-motor en stapte op zijn scooter op weg naar Den Bosch. Niemand had toen nog “een auto van de zaak”. Hij meldde zich en de mensen vroegen waar de motor was. Nou, hier achterop mijn scooter! Een luid gelach ging op en ze namen hem mee de fabriek in. De defecte motor woog minstens een ton en was gigantisch groot.

De motor drijft dmv een nylon riem een groter tandwiel, en een centrale as aan. Daarop gemonteerd zitten een aantal clutches. Een clutch bestaat uit twee schalen die in elkaar passen. Dmv van een trip-lever en sterke veer, werden die (met als een auto koppeling) met elkaar verbonden. Op deze manier kon de as gewoon doorlopen terwijl allerlei bewegingen in rust waren en pas in actie kwamen als daarom gevraagd werd.  Zoals een letter afdrukken, papier opschuiven en de drum afspelen.

Verder is er een beweegbare wagen  (carriage) met de printkop en het mechanisme om deze printkop met het juiste teken voor het papier en de print hamer te krijgen. De wagen loopt op een stevige geleide rail voorzien van kogellagers. Deze rail maakt voor elk teken een heen en weer gaande beweging en dient om het printkop mechanisme te bewegen maar ook om de hamer van de printer te spannen en te laten slaan op de printkop.  Het voert te ver om dit helemaal te beschrijven.
Deze wagen werd na het afdrukken van een teken steeds een stukje op geschoven.
80 tekens kunnen er op een regel en dan gaat hij over elkaar heen printen.

De wagen moet ook weer eens terug!

Dat werd niet met motorkracht gedaan maar met een lange sterke veer. Door mechanisch een haak los te trekken, kon de veer de wagen weer helemaal naar links bewegen. Dit ging met hoge snelheid!
Als er op het einde niet geremd wordt, treedt er schade op. Daar heeft teletype wat op gevonden. Aan de linkerkant van de wagen is een soort zuiger gemonteerd kompleet met rubberen stootvlak en zoekkantjes. Links aan het print-gedeelte is een cylinder gemonteerd. De cylinder is aan een kant dicht op een klein gaatje na.
Dit gaatje kan meer of minder worden afgesloten zodat de juiste hoeveelheid remming plaats vind. Teveel, en de boel knalt hard tegen elkaar met veel herrie.
Te weinig en de wagen komt niet meer op tijd terug voor het volgende teken maar “stuitert” een paar keer voor hij eindelijk helemaal in de cylinder is. Dit luistert nauw. Goed schoonmaken, licht invetten en maar weer afstellen.

Elektrische dingen.

Voorop een drie-standenschakelaar met knop.

Middenstand (pijl omhoog) UIT
Naar links : LOCAL
Naar rechts: LINE

Meestal is de bodemplaat op een voetstuk gemonteerd. De achterplaat kan worden los genomen. Op de bodem is een transformator 220/110V gemonteerd.
Als er een ponsbandlezer is, is er ook een “powerpack” aan de bovenkant van het voetstuk aanwezig.
Deze dient om de ponsbandlezer van een forse stroompuls te voorzien. Dus alleen bij TTY 33ASR modellen. Bij een TTY 33RO (receive only)  of TTY 33KSR (keyboard send and receive) is dat allemaal niet nodig.

Rechts naast de afdruk-eenheid staat een CCU-eenheid. (Call Control Unit).
Deze bevat voornamelijk contrastekkers en onderlinge bedrading. Zoals eerder beschreven, staat alles min of meer parallel. Dus de verdeler, keyboard, ponsbandlezer en de answerback drum. Deze hebben allemaal een stekker met bedrading die op de CCU worden ingeplugd.
Voeding voor de diverse relais en een transformator om de Line-spanning te maken van 48V?
Verder een grote weerstand om de Line-stroom in te stellen. Deze kan actief of passief op 20mA of 60 mA worden ingesteld.
Verder nog een terminalblok voor de spanning 110V van de transformator, Line in-en uitgang en de keuze om full- of half duplex te werken.

Anekdote

Als “stand alone” was een ASR33 best wel een groot ding een zwaar ook. Toch heeft Hans Elsinger het gepresteerd om op zijn Zundapp Bella scooter, de TTY achterop te monteren en in Limburg af te leveren! Dat verhaal is vaak verteld gedurende de vele jaren dat we aan teletypes storingen en onderhoud pleegden. Later kregen we auto’s. Renault 4-tjes met reclame erop.

Andere TTY-benodigdheden

  • Papier en papierrol
  • Paper tape (8 gats)
  • Inktlinten
  • Teletype vet
  • Teletype olie
  • Printkoppen met verschillende lettertypes
  • Manual
  • Technische manuals 3x
  • Schema’s
  • Papierhouder
  • Speciale gereedschappen:
  • Verentrekkers (trek en duw)
  • haakse schroevendraaiers
  • Een handwiel om de bewegingen langzaam te laten verlopen.
  • 1/4″ Dopsleutel (onmisbaar!)

Alles van teletype maar het meeste was gewoon hier te koop. Zo was het inktlint een gewone schrijfmachine-lint van Hfl 2,45!
Moet je nu eens om komen.

Ik denk dat ik het nu wel zo’n beetje allemaal beschreven heb.

Ik hoop dat iemand er wat aan heeft. Ik ben mijn verhaal kwijt en vond het leuk om herinneringen op te halen.


Dank je wel Ed, je bent altijd welkom!

Chuck Peddle met zijn I love my PET shirtJohn Feagans

Retrocomputerverzamelaar.nl is onderdeel van TASK4 Studios
Web Analytics