Teletype 33 TBP

Een vriendelijke dame stuurde mij een bericht

I have found a Teletype machine in my attic in Gouda (see photos attached) and was hoping that you may be able to point me in the right direction. I do not know if it is in working order or not, but am interested in whether you know of any collectors or anyone who would be interested?

Ophalen van de Teletype 33

Natuurlijk was ik geïnteresseerd; ik informeerde of ze open stond om deze Teletype te doneren en dat was geen probleem. De machine stond bij hun op zolder en moest plaatsmaken voor een kinderkamer. Ze vroeg alleen of ik samen met haar man deze van de zolder kon komen halen. Samen met Kim ging ik weer weer op pad.

De voorloper van het beeldscherm

Een Teletype was me wel bekend; deze worden beschouwd als voorloper van het beeldscherm. Er zijn een aantal computers die destijds nog geen scherm hadden (denk bijvoorbeeld aan de DEC PDP8), deze computers moesten hun output leveren aan een Teletype machine.

Ik las op een forum:

“Het grappige is, dat de term teletype afgekort als tty nog steeds terugkomt in de device naam als je een shell opent op een moderne linux/unix machine.”

Er bestaan van dit type Teletype 3 varianten volgens Wikipedia:

  • het Model 33 ASR, (Automatic Send and Receive), deze heeft een ingebouwd 8-level pons tape lezer en tape perforator;
  • het Model 33 KSR (Keyboard Send and Receive), zelfde machine maar zonder pons-tape mechanisme;
  • het Model 33 RO (Receive Only) heeft geen keyboard en geen pons-tape mechanisme, maar kan alleen printen.

Dit specifieke type was van 1963. Dus dit is het oudste apparaat van de collectie. Helaas was originele verhaal niet bekend. De Teletype stond al op de zolder toen zij in het huis trokken. Het enige aparte is dat op de achterkant van de machine er letterlijk Teletype 33 TBP staat, dus niet zoals overal beschreven 33 ASR. Wat deze specifieke TBP aanduiding betekent is me nog niet bekend.

“Pas wel op: er waren twee soorten papertape, geolied en droog. De geoliede tape is voor de ASR33, want de mechanische lezer (pennetjes) moeten door de tape worden gesmeerd. De droge tape was voor de optische lezer. Het gebeurde vaak dat gebruikers dat niet wisten. De droge tape liet de Teletype lezer vastlopen en de olietape verstopte de optische lezer. Dus storingen in beide gevallen!”  Aldus deze bron: http://www.transistorforum.nl/forum/index.php?mode=thread&id=19799

We hebben de machine alvast een beetje gepoetst, maar we moeten ons nog helemaal verdiepen in de mogelijkheden en of het wel veilig is deze aan te sluiten als ie schoon is, want ik kon op de achterkant geen 220 volt informatie bekennen, wel 110 volt. Dus voordat we grote fouten gaan maken, moeten we ons goed inlezen. Dat kan nog wel een tijdje duren. Intussen kun je alvast genieten van de foto’s van dit prachtige apparaat.

Nieuwe update

Ik kreeg spontaan een bericht van Ed, hij schreef mij het volgende:

Ik heb jaren Teletypes asr 33 geïnstalleerd en onderhouden.
De knop motor start was om de machines weer te starten nadat hij in “timeout” van ongeveer 10 min ging. Dit om slijtage van de clutches te voorkomen. Trouwens ook tegen de herrie!
Ik ben nu 73 en bij dat ik er weer een zie.
Groeten Ed

Ik vroeg of hij het leuk zou vinden of hij eens langs zou willen komen en zou willen uitleggen hoe dit allemaal werkt, zodat ik dit kan filmen en zo deze waardevolle kennis kan vastleggen voor toekomstige generaties. Ik kreeg kort daarop een berichtje (ik heb het ingekort):

Dat wil ik best graag wel eens een keer doen. Alleen dat kan nog even duren.

Je e-mail heeft me weer aan het denken gezet over die asr 33.
Ik denk dat ik alles nog wel weet. Toentertijd kon met mijn ogen dicht de tty (Teletype) nakijken en repareren. Nu zal ik mijn ogen weer goed de kost moeten geven.
Ik kwam in 1968 in dienst van koopman & co. Deze hadden een grote order voor deze machines met Honeywell Bull in Parijs afgesloten. Duizenden hebben we voor hun alleen al gemaakt.
Wij bouwden er een transformator in om hem geschikt te maken voor 220 volt.
Ook een modem en een bedieningspaneel hiervoor. Verder codeerden de naamgever (dat bruine ding rechts achterin).

Natuurlijk deden we storingen en onderhoud in heel het land.
Verder interface-te we die dingen aan alle minicomputers. DEC PDP-11, enz
Maar het merendeel werd met rs-232 uitgerust en werd er via een modem (al of niet met cupjes voor de hoorn) via de telefoonlijn verbinding gemaakt met een mainframe. Ook internationale scholen gebruikte ze op deze manier.

Zo te zien heeft deze de standaard currentloop-aansluiting. Ik stuur nog een schema mee om eenvoudig een conversie te maken naar rs-232.

Dan kan hij weer op een van de oude computers aangesloten worden met een seriële uitgang.

Zelf denk ik dat hij snel zal werken want ze waren onverwoestbaar.

Maar misschien kleven er wat onderdelen door dikke olie. We gaan het zien. Leuk!

Hieronder de foto die Ed meestuurde:

Currentloop Teletype RS232

Nog meer verhalen

later kreeg ik nog een verhaal binnen van Ed, hij schreef:

Veel opties van Teletype waren er niet. Namelijk maar één.
De zogenaamde X-on/X-off functie. Dit was om de ponsbandlezer remote te starten en te stoppen met ASCII codes DC1 en DC3.
We moesten daar op een rail een blokje monteren met twee mechanische pallen die weer bediend werden door twee stangen die in aktie kwamen door de code-bars, als die een X-on of X-off code (een control ASCII code) ontvingen.

De pallen maakten dan op dat blokje (3 x 4 x 2 cm) een elektrisch contact. Een relais kwam in en de ponsbandlezer ging lopen. Het relais werd elektrisch vastgehouden totdat het breek contact van het X-off palletje het relais deactiveerde en de ponsbandlezer weer stopte. Dit was een manier om de computer de mogelijkheid te geven om een eerder vervaardigde ponsband, met gegevens van die dag, in stukken in te lezen, bijvoorbeeld ‘s nachts. Dit was vaak de tijd dat de computers rekentijd over hadden om minder belangrijke gegevens te verwerken.

Hier komt ook weer de optie “motorstart” om de hoek kijken.
Anders zou de tty de hele nacht moeten doorlopen. Dus bij geen gebruik, stopte de motor na ongeveer 15 minuten. Dit was trouwens instelbaar op een door ons vervaardigde en ingebouwde printplaatje.

Ook hem weer wakker te maken, hoefde de computer of inbelmodem, maar een stuk of 5 delete’s te sturen (control ASCII code FF of Del).
De motor werd opgestart en na een paar van die DEL’s liep de tty weer synchroon met de computer. Het gaf wel altijd een paar willekeurige tekens op het papier, maar daar maakte niemand zich druk over.

Het is trouwens een 110 baud , 8 data bits, 1 start en twee stopbits. Resulterend in 10 tekens per seconde. Dat was trouwens veel sneller als de telex die 5-bit en 7,5 tekens deed. (Alleen hoofdletters) De tty had zowel kleine letters als hoofdletters.

Nu bedenk ik me opeens dat er nóg een Teletype optie was. NL. Rood/Zwart optie. Ook dan moest weer een contact blokje gemonteerd worden om middels twee codes (twee van de 32 controlcodes) deze mechanische optie te bedienen.

In mijn 12-jarig dienstverband dit slechts één keer mogen doen en iedereen moest het zien!

Nu, ik hoop dat je het leuk vind. Ik in ieder geval wel!

Het is geweldige informatie. Over enkele maanden komen we bij elkaar en gaan we samen kijken naar de Teletype en uiteraard zal ik dat filmen zodat iedereen hiervan kan genieten en hopelijk leren.

2 juni 2020, een nieuwe update

Ik kreeg weer een bericht van Ed. Een paar maanden geleden zouden we een eerste clubdag hebben gehouden met onze Retro Computer club, maar die is niet doorgegaan vanwege de Corona maatregelen. Er mochten vanuit de overheid geen bijeenkomsten meer worden gehouden. Wat ervoor zorgde dat vele mensen het niet zagen zitten om bij elkaar te komen. Per 1 juni zijn er enkele versoepelingen doorgevoerd, maar nog niet voldoende om een echte clubdag te houden. Reizen per vliegtuig gaat ook momenteel nog mondjesmaat, dus Ed kan sowieso niet naar Nederland vliegen aangezien hij in het buitenland zit. Het leuke is dat ik weer een heel uitgebreid verhaal heb gekregen van hem die ik hieronder ga plaatsen. Veel plezier met lezen!

TELETYPE VERHAAL 3

Globale werking.

Het keyboard.

Het keyboard staat op de bodemplaat helemaal los van de rest. Op de zogenaamde H-plate na. Deze H-plate zorgt voor het resetten van de mechanische keyboard code-bars nadat er een toets is ingedrukt. Wanneer er een toets wordt in gedrukt, geven 8 code-bars de juiste code door aan de contacten aan de rechterkant.
Sommige maken contact en andere niet. Alle contacten-draden zijn aan de distributor verbonden. De distributor is de Pertinax plaat met zilveren vlakjes en gleuven rechtsachter.
De code is nu nog parallel maar moet serieel verzonden worden. Zowel naar de buitenwereld als naar het mechanische print gedeelte. De rotor die langs de distributor ronddraait, bevat een koolborstel die bit voor bit de code aftast. Dit gebeurd door een koolborstel die in de distributor zit. Als men dat een kijkje neemt, ziet men dat de zilveren vlakjes, na een sleuf, in de printplaat laag beginnen en oplopend eindigen. Dit is nodig anders zou de koolborstel breken.  Nu is de parallelle code serieel geworden.

Deze seriële code wordt via de CCU (CALL CONTROL UNIT elektrische unit helemaal rechts op de bodemplaat) naar de buitenwereld verzonden. Dit alleen als de tty in de stand “Line” staat. Dit wordt gekozen met de draaischakelaar rechts op de frontplaat. Staat hij op”local”, wordt deze seriële code via een versterkings-transistor op de CCU, aan de “selector” van het mechanische print gedeelte gestuurd. De H-plaat is omgeklapt en wordt aan het einde van de cyclus door de mechanische printunit weer in de beginstand gezet.

Er zijn drie eenheden die zo’n parallelle code afgeven.

  1. Keyboard
  2. Answer Back Drum (naamgever)
  3. Ponsbandlezer

De answer-back is een mechanisme die zorg draagt om, met als bij een telex, een unieke reeks cijfers en letters (maar ook control codes) automatisch achterelkaar door te geven aan de buitenwereld. Dit mechanisme kan op twee manieren gestart worden.

  1. dmv van een toets op de het keyboard in te drukken.
  2. bij ontvangst van de code EQU (asscii) van een computer.

Deze werd vooral gebruikt bij “timesharing” systemen. Zo kon de buitenwereld weten wie er aan de Line hing en de gebruikte tijd ook aan de juiste persoon facturen.
De plastic drum die gecodeerd moest worden bestaat rondom de drum van 20 (?) Rijen met elk 8 palletjes, die al of niet uitgebroken moeten worden om de drum te coderen.

Anekdote:

Dat was een rotklus! De palletjes stonden zo dicht op elkaar dat, meestal op het einde, er per ongeluk twee (!) palletjes afbraken. Dan kon de drum weggegooid worden of een enkele keer soms toch nog gebruikt kon worden indien een andere codering daar precies mee overeen kwam.
Wij hadden een speciale man (Marius de Kleyn) die dit werk deed. Zeer precies en geconcentreerd kon hij dat. Hij bleef daar ook voor thuis om niet gestoord te worden. In elke Teletype zat zo een drum, maar nieuwe kostte veel geld en waren niet altijd voorhanden.

De ponsbandlezer

Deze lezer is zeer compact en uiterst betrouwbaar. Eigenlijk niet veel meer als een zware elektro magneet die een ijzeren gaffel aantrok die dan de acht pennen omhoog bracht, en als er een gaatje in de ponsband zat, dan een elektrisch contact maakt. Bij het loslaten van de magneet, werd de ponsband één gat op geschoven.
Op soms een vuil contact na, nooit problemen.

Anekdote

Vaak werd er bij het sluiten van een bedrijf ‘s avonds er een ponsband in gelegd die overdag door typistes waren aangemaakt met vergaarde data gedurende de dag. Deze werden dan’s nachts door de computer in gedeeltes verwerkt. Real time was toen nog niet aan de orde.
Sommige klanten hadden daar niet genoeg aan een wilden twee ponsband-lezers hebben. Dat deden we ook voor een aanzienlijke meerprijs. Specialisten (Hans Elsinger en ik) bouwde er een tweede lezer naast. De bedrading parallel aansluiten. Weer twee codebars in bouwen. Een elektrisch schakelblok monteren die op twee andere codes als DC1en DC3, de tweede lezer konden in- en uitschakelen. De bodemplaat verlengen én de bovenkap met nog een reader kap uitrusten.
Nu kon de computer twee lezers bedienden. Een voor data en één voor opdrachten.

De puncher.

Deze zit volledig mechanisch vast aan het printer gedeelte. Veel stangetjes, maar verder redelijk simpel. Er waren vier bediening knoppen om de kap.
Een om een nieuwe ponsband in te voeren.
Een aan-knop en een uit-knop
En een knop om de band een positie terug te halen. Nooit problemen mee.  Schoonmaken en de ponspennen smeren.
Om de ponspennen scherp te houden werd er geoliede tape gebruikt. Dat kon weer niet als de tape later gelezen moest worden door een (moderne)snelle ponsbandlezer. Dit gaf leesfouten en haperingen bij het transport.

Anekdote

Wij, als techneuten, gebruikte bij het testen een afstellen van deze Teletypes, geplastificeerde metalen tapes!
Die waren met het begin en eind aan elkaar geplakt en draaiden soms uren aan een stuk op een te testen machine.
De test-inhoud was simpel.
Namelijk “U*U*U*U*U*U*U*U*U*U*U*U*” enz .
De U en het * hebben precies de tegengestelde code en zo kwam alles aan de beurt.
Een andere tekst was:
“THE QUICK BROWN FOX JUMPS OVER THE LAZY DOG 1234567890.”
Wel bekend natuurlijk omdat alle letters en cijfers van het alfabet er in zitten.
De metalen tapes produceerden we natuurlijk steeds op een andere Teletype om de ponspennen niet meteen bot te maken 🙂

De afdruk-eenheid

Dat is (nog steeds) een wonder van mechanische techniek. Honderden palletjes, stangetjes, veren en nylon bandjes die allemaal met- en in elkaar samenwerken.
De basis is natuurlijk de elektromotor.  Voor Europa was een 220V 50Hz type ingebouwd. Ik heb ook wel 110V 60Hz type gezien. Die liepen dan via transformator. Maar 20% langzamer! Dat kwam door het verschil van 60Hz en 50Hz.
Later kochten we een mechanisch unit die dmv een 50Hz motor een 60Hz dynamo aandreef. Dat ging een stuk beter.

Anekdote

In het begin waren we nog niet zo op deze “moderne” dingen ingesteld en deed de firma (koopman&co) veel andere dingen zoals verkoop van elektromotoren.
Op een dag kwam er een telefoontje binnen van iemand die zei dat de motor defect was. Een techneut zei dat hij wel een nieuwe zou brengen. Hij haalde uit het magazijn een TTY-motor en stapte op zijn scooter op weg naar Den Bosch. Niemand had toen nog “een auto van de zaak”. Hij meldde zich en de mensen vroegen waar de motor was. Nou, hier achterop mijn scooter! Een luid gelach ging op en ze namen hem mee de fabriek in. De defecte motor woog minstens een ton en was gigantisch groot.

De motor drijft dmv een nylon riem een groter tandwiel, en een centrale as aan. Daarop gemonteerd zitten een aantal clutches. Een clutch bestaat uit twee schalen die in elkaar passen. Dmv van een trip-lever en sterke veer, werden die (met als een auto koppeling) met elkaar verbonden. Op deze manier kon de as gewoon doorlopen terwijl allerlei bewegingen in rust waren en pas in actie kwamen als daarom gevraagd werd.  Zoals een letter afdrukken, papier opschuiven en de drum afspelen.

Verder is er een beweegbare wagen  (carriage) met de printkop en het mechanisme om deze printkop met het juiste teken voor het papier en de print hamer te krijgen. De wagen loopt op een stevige geleide rail voorzien van kogellagers. Deze rail maakt voor elk teken een heen en weer gaande beweging en dient om het printkop mechanisme te bewegen maar ook om de hamer van de printer te spannen en te laten slaan op de printkop.  Het voert te ver om dit helemaal te beschrijven.
Deze wagen werd na het afdrukken van een teken steeds een stukje op geschoven.
80 tekens kunnen er op een regel en dan gaat hij over elkaar heen printen.

De wagen moet ook weer eens terug!

Dat werd niet met motorkracht gedaan maar met een lange sterke veer. Door mechanisch een haak los te trekken, kon de veer de wagen weer helemaal naar links bewegen. Dit ging met hoge snelheid!
Als er op het einde niet geremd wordt, treedt er schade op. Daar heeft teletype wat op gevonden. Aan de linkerkant van de wagen is een soort zuiger gemonteerd kompleet met rubberen stootvlak en zoekkantjes. Links aan het print-gedeelte is een cylinder gemonteerd. De cylinder is aan een kant dicht op een klein gaatje na.
Dit gaatje kan meer of minder worden afgesloten zodat de juiste hoeveelheid remming plaats vind. Teveel, en de boel knalt hard tegen elkaar met veel herrie.
Te weinig en de wagen komt niet meer op tijd terug voor het volgende teken maar “stuitert” een paar keer voor hij eindelijk helemaal in de cylinder is. Dit luistert nauw. Goed schoonmaken, licht invetten en maar weer afstellen.

Elektrische dingen.

Voorop een drie-standenschakelaar met knop.

Middenstand (pijl omhoog) UIT
Naar links : LOCAL
Naar rechts: LINE

Meestal is de bodemplaat op een voetstuk gemonteerd. De achterplaat kan worden los genomen. Op de bodem is een transformator 220/110V gemonteerd.
Als er een ponsbandlezer is, is er ook een “powerpack” aan de bovenkant van het voetstuk aanwezig.
Deze dient om de ponsbandlezer van een forse stroompuls te voorzien. Dus alleen bij TTY 33ASR modellen. Bij een TTY 33RO (receive only)  of TTY 33KSR (keyboard send and receive) is dat allemaal niet nodig.

Rechts naast de afdruk-eenheid staat een CCU-eenheid. (Call Control Unit).
Deze bevat voornamelijk contrastekkers en onderlinge bedrading. Zoals eerder beschreven, staat alles min of meer parallel. Dus de verdeler, keyboard, ponsbandlezer en de answerback drum. Deze hebben allemaal een stekker met bedrading die op de CCU worden ingeplugd.
Voeding voor de diverse relais en een transformator om de Line-spanning te maken van 48V?
Verder een grote weerstand om de Line-stroom in te stellen. Deze kan actief of passief op 20mA of 60 mA worden ingesteld.
Verder nog een terminalblok voor de spanning 110V van de transformator, Line in-en uitgang en de keuze om full- of half duplex te werken.

Anekdote

Als “stand alone” was een ASR33 best wel een groot ding een zwaar ook. Toch heeft Hans Elsinger het gepresteerd om op zijn Zundapp Bella scooter, de TTY achterop te monteren en in Limburg af te leveren! Dat verhaal is vaak verteld gedurende de vele jaren dat we aan teletypes storingen en onderhoud pleegden. Later kregen we auto’s. Renault 4-tjes met reclame erop.

Andere TTY-benodigdheden

  • Papier en papierrol
  • Paper tape (8 gats)
  • Inktlinten
  • Teletype vet
  • Teletype olie
  • Printkoppen met verschillende lettertypes
  • Manual
  • Technische manuals 3x
  • Schema’s
  • Papierhouder
  • Speciale gereedschappen:
  • Verentrekkers (trek en duw)
  • haakse schroevendraaiers
  • Een handwiel om de bewegingen langzaam te laten verlopen.
  • 1/4″ Dopsleutel (onmisbaar!)

Alles van teletype maar het meeste was gewoon hier te koop. Zo was het inktlint een gewone schrijfmachine-lint van Hfl 2,45!
Moet je nu eens om komen.

Ik denk dat ik het nu wel zo’n beetje allemaal beschreven heb.

Ik hoop dat iemand er wat aan heeft. Ik ben mijn verhaal kwijt en vond het leuk om herinneringen op te halen.


Dank je wel Ed, je bent altijd welkom!

Teletype TBP

Op het label van mijn Teletype staat TBP, ik vroeg waar dat vandaan komt en wat het betekent. Ik kan het nog steeds niet goed ontcijferen, maar krijg wel wat hints van Ed:

Deze tty,’s waren vrijwel bij alle DEC PDP8 in gebruik. In het handboek voor het gebruiken van randapparatuur vond ik deze pagina’s:



TELETYPE VERHAAL 4

Nu kreeg ik begin juli 2020 een bericht van Maurice, die ook een Teletype 33 had en wat vragen had voor Ed, dus ik heb ze met elkaar in contact gebracht. Uiteraard komt daar weer mooie informatie uit voort. Hieronder vind je de interactie:

Maurice schreef:

Nu heb ik net mijn ASR-33 in orde gemaakt welke oa.bevat een
KOOPMAN &Co 200 Baud Modem Model LEM/NR
uit 1971.
Zie foto’s
Ik kan niets over dat modem vinden. Wel zit er een gewone PTT stekker aan.
Tevens extra 3 knoppen op paneel gebouwd hiervoor neem ik aan.

Daar er geen telefoon draaischijf aanwezig is op de teletype
vermoed ik een lijn modem, zonder inbel functie.

Misschien dat meneer Ed daar wat over kan vertellen.

De bedoeling is aan te sluiten op de PDP8/M, maar die heeft nog erg
veel problemen, dat project loopt, zit al wat leven in.


Ed schreef: 

Ja hoor, dat is een echte Koopman Teletype!
Met een urenteller. Dat is een optie die ik helemaal vergeten was. De Urenteller werd gebruikt om de onderhoudbeurten op tijd te verrichten.

Ja, ook de beruchte LEM-modem!
Deze hebben we zelf laten ontwikkelen door de universiteit van Leuven door onze vestiging in België. Veel van verkocht.
Nee, er zit geen draaischijf op.
Oorspronkelijk zat er een soort tussensteker (ook PTT) op.
Men haalde de standaard telefoonstekker uit het PTT wandcontactdoos. Prikte deze tussensteker op die plek en de originele PTT-stekker daar weer in.
Dit was een manier om de lijn- (a- en b-draad) te onderbreken en via de LEM- modem te laten gaan.

Als men dus een verbinding wilde maken, zetten men de Teletype knop op LINE.
En de knop bovenop op offline???
Men draaide dan het inbelnummer op de kiesschijf van de telefoon en als men aan de andere kant het modemgeluid hoorde, drukte men op de knop Online?? De telefoon lijn werd nu direct doorgeschakeld naar het modem.
Als de verbinding tot stand kwam, ging er ook nog een groen lampje in een toets branden. Andere lampjes gaven nog signalen van de modem aan. DSR? Data set ready. De derde knop is voor de motor start, al eerder beschreven.
Op deze manier had men geen kiesschijf op de Teletype nodig.

De 200 baud was eigenlijk een compromis.
De Teletype is 110 baud, dus genoeg. We wilden eigenlijk 300 baud voor andere snellere printers. Maar dat kregen ze niet voor elkaar binnen het budget!

Tenslotte de control unit op de bodem. Dat was ook een eigen productie. Het was een gecombineerde eenheid voor diverse dingen. Dus een print voor de motorstart, en een print voor de omzetting van currentloop naar RS232C voor het modem.
De derde print was voor bekrachtiging van de ponsbandlezer. Dit gebeurde normaal door de”powerpack” van Teletype zelf. Maar het loonde de moeite om de printer zonder dit powerpack te bestellen een zelf een print er voor te maken. Als laatste vond ook een transformator 110/220v een plekje.

De volgende RS232C signalen zijn beschikbaar.

Receive. Ontvangst signaal
Transmit Zend signaal
Ground. Nul (aarde)
CTS. Clear to send.(Onlineschakelaar)
DSR. Dataset ready. (lampje !)

Mbv deze signalen kan men met een kruiskabel eenvoudig de Teletype op allerlei seriële apparatuur aansluiten.
Wel instellen op 110 baud 8 bits en 8-ste bit altijd Mark (1) Dit is het parity bit. Dit is nodig voor het aansluiten aan een PDP-8..

De foto’s vind ik erg leuk om terug te zien.
Misschien mij nog een paar sturen met een closeup van het type plaatje met koopman erop én een met het type plaatje van het LEM-modem. Dat staat trouwens geloof ik voor Leuvense-Eerste/Electronic (?)-Modem.

Maurice:

Geweldig dank voor de extra info.
Ga beter begrijpen.
Ik kon niets over modem vinden. Alleen een kleine advertentie Koopman en Co dacht Amsterdam. Nu weet ik dat jullie ook in Belgie actief waren.

Ik heb oude telefoons en een klein huiscentrale die zelfs puls en toon snapt. Kijken of ik ook modem aan de gang krijg. Via serieel heb ik de teletype aan een digital VT220 hangen die kan nog 110Bd aan.

Groene lijn lampje brand indien serieel kabel actief wordt. Midden wit gaat branden als ik modem aan telefoon lijn hang. Alleen de meest linker de rode knop is me nog niet duidelijk.

Ook had ik gisteren bij direct serieel aan de terminal dat bij inlezen ponsband de printer niet mee liep. Dat zag ik ook in een andere video. Is ook inzinnig als je bv data wilt inlezen naar de pc bv. Met commandos van af de terminal tikte te teletype wel direct op papier. Anders om tikken op teletype en karakters op scherm.

Echter even later bleef bij lezen tape ook de printer meelopen. Raar weet niet wat ik veranderd heb.

Dus hoe ontkoppel je de printer bij lezen van tape naar terminal. Snap reeds dat punchen en printen altijd gekoppeld staat.

Foto detail knoppen modem. [zit er niet bij]

Heb nog wat oude modems aan 2400Bd en 14k4 en 33k6
Misschien lukt het om werkend te krijgen.

Ed:

Als je me er nog een gedetailleerd van de knoppen rechts stuurt, kan ik wel antwoord geven. Ik kan het nu niet lezen.

Dat al dan niet meeprinten kan komen door schakelen van half-duplex naar full-duplex.. In de half-duplex-mode (simplex) wordt alles wat verzonden wordt ook geprint.
In de full-duplex-mode, Zend hij alleen weg. Pas bij ontvangst, print/punched hij.

Ik geloof dat we bij modemgebruik de CCU (controlunit onder de Urenteller) zo bedraad hebben voor full-duplex.

Dat betekent dat er vier draden (een zend-currentloop én een ontvangst currentloop) naar beneden in de poot lopen en aangesloten zijn op de currentloop/RS232C convertor print.

Deze print zorgt voor een constante stroombron (60mA of 20mA) in deze deze twee loops. Dus, ontvangst en zenden zijn volledig gescheiden als de tty-selectie knop op de stand “LINE” staat. Op de “LOCAL”-stand wordt er niets verzonden.

Nu hangt het dus volledig af of het modem in full- of half duplex staat.  Het modem kan dus de gezonden codes weer terug koppelen in de ontvangst-loop van de tty. Of niet!

Dan kan men tape, met bv een computerprogramma, sturen zonder rare tekens op papier. Én zonder herrie!

Misschien is er wel een knop die het modem in simplex een) of duplex schakelt! Dat weet ik niet meer, na 50 jaar.

Als je de schema’s van de tty nodig hebt stuur ik wel een link.  Zo ook voor de technische manuals. Die zijn eenvoudig op het internet te vinden en vrijgegeven door de teletype-corp.

Maurice:

Bij de teletype ASR-33 Koopman & Co versie heb ik een doos met 10 Manual Boeken gekregen.
Vanavond heb ik de boeken een goed door gebladerd. Wat blijkt…!!!
Er zitten verscholen tussen de boeken, de KOOPMAN & Co -schema’s.
Wel reeds al kopieën, maar wat een vondst. Heb ze direct gedigitaliseerd en zal ze uploaden naar Bitsavers.

Download hier: ASR-33_Koopman_en_Co_Data Set Coupler Chassis

Zie de bijlage en je gevraagde foto van de knoppen.

Ik ben nog aan het puzzelen over het motor relais print KCT004. Het relais daarop klikt aan op moment indrukken groene “on-line” knop.
Hiermee activeer je de RS232 data verbinding. Daarna komt relais nooit meer los, ook niet met de gewone “off” draai knop. Pas na stekker uitnemen valt dat relais af.

Contacten drukknoppen zijn in orde.
-Links “On-Line” knop gaat groen branden indien ik de VT220 terminal aan de RS232 stekker hang met een modem, kruis, kabel,
-Midden witte knop met “telefoon hoorn” is een puls drukknop en klikt tevens de groene “on-line”vrij indien deze ingedrukt was.
-Meest rechter is de rode schakelaar ,functie daarvan is mij nog onbekend, ik vermoed dat dat de blokkeer schakelaar is om bij
lezen van de tape-reader naar de terminal (of modem)  de printer uit te zetten.

Mijn Teletype heeft wel de Tape reader voeding in de console voet boven in ingebouwd. Deze bevat o.a. een relais en hiervan zijn de contacten in orde.

Ik heb niet de print B (015 B) , schema zit er ook niet bij, dus deze is nooit geplaatst ook bij levering denk ik.
Er zitten 3 printen
Motor control  KCT004
Lamp control KCT003
INTERFACE, de currentloop naar RS232, KCT002

Ed, ik denk dat je het lezen van de schema’s wel leuk zult vinden, even weer wat oude tijden herleven. Moet zeggen, petje af voor de geleverde kwaliteit, werkt na 50jaar nóg. Ik maak dat wel anders mee. Modem moet ik nog testen, eens zien of ik wat voor elkaar krijg.

Ed:

Reuze bedankt voor de schema’s!

Ook ik ben mijn carrière begonnen bij de PTT. Om precies te zijn bij de telex centrale in Amsterdam. Achter het koninklijk paleis op de eerste verdieping.
De gebruikte telex machines waren van Siemens. Ik loste storingen op aan de automatische registers die een verbinding tot stand bracht. Hele grote kasten in lange rijen met honderden relais die elk weer minstens 10 tot 20 mechanische contacten hadden. Dikke boeken met tijd-volg-orde diagrammen om de weg tot verbinding contact voor contant te volgen. Dat eindigde dan meestal bij een relaiscontact die vuil, geen druk of gewoon verbrand was. Ook in de mechanische zoekers met duizenden contanten trad vuil op. Dat was lastig te zien en te verhelpen. Tussen zo een slechte ontdekte verbinding sloten weer gewoon een condensator geladen met 20.000V (geloof ik) via een “megger” aan. Dan zag je vanzelf ergens in die contactenbank een vonk en was alles weer goed.  Maar dit terzijde.

Ik heb ook een kijkje genomen op je site. Erg leuk. Hoewel met een smartphone moeilijk kijken is en ook niet alle links werken. Ook krijg ik de melding “onveilige link” of zo iets.

Goed, verder met de schema’s en Teletype.

Ik ben er erg blij mee. Gek, hoe dan weer herinneringen bovenkomen. Ik zie “Ad van Wijk” voor me terwijl hij deze schakelingen en printlayouts ontwierp. Ook aan de tekeningen, gemaakt door een andere collega werd altijd veel aandacht besteed. In tegenstelling tot een beschrijving van het geheel.
Het ontwerp van het chassis met printen werd op een gegeven moment noodzakelijk om meer universeel de diverse opties onder te brengen. Het fungeerde als basis. Dus het was niet nodig om alle printen te installeren als de optie niet door een klant besteld was.

Nu er toch herinneringen bij me boven komen, zie ik weer beelden van onze eigen Koopman-kap! Nou, dat was een project!
Aangezien de Teletype notoire herrieschoppers waren en er ondertussen ook wat oubollig uitzagen met hun grijze kap besloten we om een geluiddichte kap te ontwerpen. We hadden een stagiair van de TH-Delft afdeling Industriële ontwerp.
Na het ontwerp moest er een mal komen om een ABS-kap te spuitgieten. Men begrijpt dat dit aardig in de papieren liep maar er was geen weg terug.
De problemen waren legio! Bij afkoelen trok het hele ding alle kanten op. De geluidwerende zelf-plakkende- schuimrubberen delen wilden niet blijven zitten aan de binnenkant door warmte ontwikkeling. Dus moest er een fan ingebouwd worden. Zoeken naar een geluidloze goede fan. Die trouwens later toch begon te rammelen. De spuiter had problemen met de juiste kleur Koopman blauw en in de droogoven trok de boel soms toch weer krom! We hadden veel uitval. De kast was compleet omhullend met aan de bovenkant een perplex ruitje.
Die was zo klein dat het daaronder behoorlijk donker was en men geen letter op het papier kon lezen! Dus weer een constructie om een klein TL-buisje in te bouwen.
Gelukkig was de geluidsdichtheid fantastisch en wilden bijna alle klanten deze kap.
Let op! Toentertijd kostte z’n Teletype ASR met Koopman-modem en Koopman-kap Hfl. 12.000 !! Van die kap zou ik ook nog wel eens een foto van willen hebben.

Motor start
Rechtse knop is een moment drukknop en telkens als je daar op drukt, wordt de ingestelde tijd dat de motor loopt (ongeveer 30 min.) Verlengt.
De verlenging van die tijd ging ook dmv en microswitch die gemonteerd was tegen de hoofdas. Dus ook tijdens gebruik ging hij nooit in “timeout”. De motorstartprint had ook drie ingangen ook de boel weer te starten
1) knopbediening
2) de microswitch
3) inkomende data

Dus als je op de knop drukt, loopt de motor heel lang en blijft het relais op.

De motorstop was eigenlijk een compromis. Het was meer tegen het voortdurende lawaai als tegen slijtage van de lagers en clutches. Het had ook als nadeel dat het geheel eerst weer moest aanlopen voor er weer de juiste tekens op papier kwamen.

Er werd dan ook vaak eerst een stel nullen of deletes gestuurd als opstart.
Dit gebeurde ook vaak na een CR (carriage return. Wagen terugloop).
Dit gaf de carriage voldoende tijd om weer geheel links op de juiste plek zijn om vervolgens weer een karakter te printen.

Reader step optie.

Die was ik helemaal kwijt!
Dat is ook de print op het chassis met het relais die ik voor de powerpack van Teletype aanzag.
Ik weet nog wel dat deze optie een extra drukknop vereiste. Gewoonlijk een grote ronde zwarte drukknop. (die van de motorstart was kleiner en rood)
Hij functioneerde als volgt:
Als de ponsbandlezer liep, kon men op het juiste moment op deze knop drukken. De lezer stopte dan en door telkens weer de knop te bedienen, kon men stap voor stap de ponsband een positie opschuiven. Wanneer de originele ponsband tty-hendel weer gebruikt werd ging de ponsbandlezer weer automatisch verder.
Wat ook precies weer de reden was voor deze optie is me ontschoten.
Ik denk wel aan de situatie dat men met een juiste gedefinieerde aanloopstrook van gegevens ter identificatie moest beginnen en/of eindigen.

De ponsband was van papier en werd vaak meerdere malen gebruikt. Dat had tot gevolg dat er wel eens eentje scheurde.
Daar had men het volgende op gevonden.
Er waren plastic/papieren stukjes tape van ongeveer 3 cm te koop. Deze hadden op alle alle posities een gaatje en was aan een kant zelfklevend. Door de gebroken tape zo goed als mogelijk weer bij elkaar te leggen en er zo een plakker op te doen was het leed geleden.
Als door het vaak lezen van de tape de transport-gaten uitgesleten waren, kopieerde men gewoon op stand LOCAL een nieuwe!

Als laatste grote ontwikkeling was het ontwerpen en produceren van een eigen CCU!
Deze vind een plek onder de Koopman-kap en verving de Teletype CCU. Inclusief de separate powerpack van Teletype.
Dat scheelde een hoop dollars bij inkoop.
En het gaf ons de mogelijkheid om meteen rekening te houden met de opties.
Dus meteen een transformator 220V met de juiste wikkelingen voor de reader, tripmagneet, aandrijfmotor (110v) stroomloop, V24 signalen, lampjes en elektronica. Een rack met connectoren voor de opties. Netjes alles bij elkaar en met alle mogelijkheden. Aangezien we een backplane met connectoren van printplaat gebruikte, was de bedrading meteen een stuk simpeler en vooral goedkoper!

Koopman & Co had onderhoud-contracten voor deze Teletypes. Inclusief twee maal per jaar regulier onderhoud. Met 24 uur response-tijd. Door het hele land. De monteurs (later technicus genoemd) reden in Renault 4 bestelauto’s.
Dat was een goudmijn. Aan het begin van het jaar stuurde je de factuur en had je al geld zonder dat je wat gedaan had. Het was voor de klanten ook prettig want je wil niet zonder in- en output zitten met je dure Mini computer en nog duurdere software. We hadden wel 1000 of meer van die contacten lopen!

Nou, dat was het wel weer. De herinneringen blijven maar terugkomen.
Ik heb er veel lol in, dus ik schijf dit met plezier op.
De tekst een foto’s stuur ik ook nog naar een vriend van me die ook al die tijd daar in dienst was en veel mechanische ontwerpen gemaakt heeft voor de aanpassingen zoals boven beschreven.
Ook hij is er blij mee. Leuk hé?

Chuck Peddle met zijn I love my PET shirtJohn Feagans

Retrocomputerverzamelaar.nl is onderdeel van TASK4 Studios